
http://home.wanadoo.nl/reks/images/kleine_modderkruiper.jpg
Misgurnus fossilis. (Latijn voor opgraven)
Modderkruiper. Komt voor in stil staande, modderige wateren en soms in rivieren
van N. en O. Europa. Gedurende de winter en als in de zomer het water van de
door hen bewoonde plas verdampt is, verbergen ze zich in het slijk waar ze een
paar maanden zonder probleem kunnen verblijven. Zodra ze dan in water komen
zijn ze weer vlug. Hieraan danken ze hun gewone en wetenschappelijke naam.
Engels weather loach Is
zeer gevoelig voor elektrische verschijnselen en wordt onrustig bij onweer,
vandaar weeraal, weervis, poetaal of donderaal, soms stootvis. Daarom wordt hij in een bak gehouden als
weervoorspeller. Duits Peitzger of Schlammpeitzher omdat hij in het schlamm bijt.
Polypterus bichir, (Grieks poly; veel en pteron;
vleugel of vinnen. De snoeksteur komt in boven Afrika voor en Boven Nijl. Ook
in plassen die soms geheel uitdrogen.
Maerlant, ‘Alforas, zegt Aristoteles, dat een wonderlijke vis is. Die groeit in het water met het weer en in moerassen een deel neer, soms droog en soms nat, ze groeit op de modder als een worm en kruipt en leeft en als het moeras water heeft wordt het een vis, is beschreven, maar kort mag het leven’.
Zie verder: http://www.volkoomen.nl/ en : http://volkoomenoudeherbariaenmedisch.nl/